7 comments on “Antropologie op Mauritius”

Antropologie op Mauritius

Mauritius: a rainbow nation; a melting-pot of cultures; a paradise on earth. Dit zijn een aantal beschrijvingen van Mauritius zoals je die tegenkomt in reisgidsen en op toeristische websites. Mauritius is voor antropologen dan ook zeer interessant. Voordat de eerste Europeanen aan wal gingen, was het eiland onbewoond. Een geschiedenis van kolonisatie, slavernij en migratie hebben het eiland een bijzonder multicultureel karakter gegeven. Een walhalla voor antropologen die onderzoek doen naar nationalisme, etniciteit en de multiculturele samenleving. Volgens de antropoloog Thomas Eriksen kan Mauritius gezien worden als het ideaal van een multiculturele samenleving. Verschillende etnische en religieuze groepen zouden relatief harmonieus naast elkaar leven, -allen met een eigen cultuur en levenswijze-, en gelijktijdig toch één Mauritiaanse gemeenschap vormen waarmee een ieder zich verbonden voelt. Inmiddels weten we dat dit romantische beeld niet geheel realistisch is. De gemiddelde Mauritiaan is weliswaar trots op de multi -etnische, -culturele en -religieuze samenleving,maar het blijkt tevens een bron van spanning te zijn…

Wanneer we de geschiedenis van Mauritius in ogenschouw nemen, ontdekken we dat het wederom de Portugezen waren die als eerste voet aan wal zetten. Echter hebben zij zich nooit permanent op Mauritius gevestigd en werd het eiland voornamelijk als tussenstation gebruikt. Het eiland werd in 1598 gekoloniseerd door de Nederlanders (en vernoemd naar Prins Maurits Van Nassau). Het waren de Nederlanders die er toentertijd voor gezorgd hebben dat er in korte tijd geen enkele dodo meer op het eiland te vinden was. In de daaropvolgende jaren werden honderden slaven geïmporteerd uit Madagaskar. Veroordeelden vanuit Batavia (Java) werden eveneens verzonden naar de kersverse kolonie om hier aan het werk gezet te worden. De Nederlanders introduceerden suikerriet, vee, katoen en tabak op het eiland. Echter, tal van problemen, -zoals ziekte, droogte, voedseltekort, aanvallen van piratenschepen, financiële problemen en een tekort aan mensen die zich op het eiland wilden vestigen-, zorgden ervoor dat de laatste Nederlanders in 1710 vertrokken.

In 1715 kwamen de Fransen aan land. De Fransen claimden het eiland, noemden het Ile de France en creëerden kort hierna de hoofdstad Port Louis (vernoemd naar koning Louis XV van Frankrijk). In de ‘Franse’ jaren is het eiland opgebouwd en opgebloeid. In 1810 werd Ile de France echter door de Britten veroverd. De Britten noemden het eiland vervolgens weer Mauritius. Een paar jaar later, in 1835, schaften de Britten de slavernij af. Omdat de ex-slaven weigerden om nog langer op de suikerrietplantages te werken, rekruteerden de Britten contractarbeiders (‘koelies’) uit Brits-Indië, Maleisië en China, ter vervanging van de slaven. In 1968 verkreeg het eiland onafhankelijkheid.

Vandaag de dag bestaat Mauritius uit 1,2 miljoen inwoners en hiermee is het één van de dichtstbevolkte eilanden ter wereld. 68% van de bevolking bestaat uit Voorindiërs (Indo-Mauritaniërs) en 27% uit Creolen. De overige bevolking bestaat uit Sino-Mauritiërs (3%), afstammelingen van de Chinezen, en Franco-Mauritiërs (2%), afstammelingen van de blanke Europese kolonisten. Ongeveer 52% van de Mauritianen is aanhanger van het hindoeïsme. 30% van de bevolking is Christen en de Moslims vormen ongeveer 16% van de totale bevolking.

Sinds 1968 wordt Mauritius wereldwijd gezien als een succesnummer: een stabiel politiek klimaat en een sterke economie. Zoals genoemd zijn er weliswaar relatief weinig conflicten tussen de verschillende groepen op het eiland, maar er is wel degelijk sociale ongelijkheid en ongenoegen. Franco-Mauritiërs zijn vandaag de dag nog grote machthebbers op het eiland: ze leiden internationale ondernemingen en bezitten veelal de suikerplantages. Het zijn daarnaast voornamelijk de Hindoes die belangrijke functies vertegenwoordigen in de regering en mede ook in het zakenleven en de ambtenarij. De Creolen hebben over het algemeen een zwakkere sociaaleconomische positie. Met de enorme economische groei (handel, financiële diensten, voedselverwerking, textiel en toerisme), groeit ook de ongelijkheid. En met de toenemende ongelijkheid groeit de frustratie. Trouble in paradise. Elke groep op Mauritius kent wel één andere groep waar wrok tegen gekoesterd wordt, om welke reden ook. In 1999 braken er rellen uit nadat de Creoolse zanger Kaya werd opgepakt wegens drugsbezit. Hij stierf onder dubieuze omstandigheden in de gevangenis en er werden geen details vrijgegeven over de precieze omstandigheden van zijn dood. Velen spraken over police brutality. Er braken vervolgens rellen uit onder de Creoolse bevolking gericht tegen de Hindoes (aangezien de meerderheid van politieambtenaars Hindoe is). Als reactie hierop werden door Hindoes veel Creoolse huizen vernietigd. Een andere rel was naar aanleiding van een voetbalwedstrijd tussen de Creoolse ‘Fire Brigade’ en de ‘Muslim Scouts’. Na een conflict dat ontstond naar aanleiding van een penalty, waren er enkele dagen rellen tussen Creolen en Moslims in en rond de hoofdstad Port Louis.

“If poverty hits particular groups within a small multiethnic society, the country runs the risk of having to face diverse forms of conflicts and interculturality becomes threatened. Interculturality can only be real and genuine if social justice prevails, if every citizen is given an equal chance and he or she perceives that this is the case.” (Bunwaree, 2002)

Het feit dat de sociaaleconomische verdeling in de samenleving gelijk lijkt te lopen met etniciteit heeft uiteraard een oorzaak. We zouden die oorzaak kunnen zoeken in het (koloniale) verleden, waar bepaalde groepen kansen kregen die andere groepen niet kreeg. Maar het is ook interessant om eens te kijken naar het huidige politieke discours en het beleid van multiculturalisme. De Mauritiaanse overheid is trots op de zogezegd regenboognatie: eenheid in verscheidenheid. Dit betekent dat zij enerzijds één volk, één natie verkondigt en nastreeft (sport, taal, nationale feestdagen, etc.), maar gelijktijdig stimuleert dat de verschillen tussen de ‘afzonderlijke’ etnische en religieuze groepen benadrukt blijven worden. Identificatie met de eigen etnisch-religieuze groep is diepgeworteld in de Mauritiaanse samenleving en dit is van groot belang voor het voortbestaan van de (regenboog)natie en het idee van multiculturalisme. Het is van belang dat culturele gemeenschappen bewaard blijven. Voor de Hindoestanen is het betrekkelijk eenvoudig, omdat zij zich kunnen beroepen op een duidelijke afkomst en op eigen culturele tradities. Dit maakt hun positie binnen de huidige politiek van multiculturalisme sterker. Voor de Creolen ligt dit anders, omdat zij van oudsher een mengelmoes vormen en zich moeilijker kunnen identificeren met een zogenaamde ‘ancestor culture’. Voor hen heeft de overheid een aantal projecten opgezet met als doel de eigen ‘roots’ (wat dat ook moge zijn) te traceren. Hier in Nederland steken we geld, tijd en energie in inburgeringscursussen. Op Mauritius wordt er geïnvesteerd in het hervinden van een ‘eigen’ identiteit…

Wat moet je met deze informatie, zou je kunnen denken. En toch is het interessant. Want landen over de gehele wereld kampen vandaag met vraagstukken rondom multiculturaliteit en hoe om te gaan met toenemende diversiteit in de samenleving. Een land als Mauritius, -en zo zijn er nog tal van voorbeelden te noemen, denk bijvoorbeeld maar aan Suriname-, schijnt weer een ander licht op de zaak. Wie weet steken we er wat van op. En zo niet, dan hebben we in ieder geval weer wat geleerd! ;-)

5 comments on “Huwelijksreis deel III: Mauritius”

Huwelijksreis deel III: Mauritius

Cabin crew, please take your seats for landing.

Het is tegen half tien ‘s avonds, lokale tijd, en de piloot zet de landing in. Sommige passagiers doen quasi-ontspannen hun ogen dicht. Anderen doen een verwoede poging dat ene hoofdstuk uit hun spannende boek nog even uit te lezen. Wij horen bij de groep die door het raam naar buiten tuurt, hopende alvast een glimp op te vangen van onze tropische bestemming. Het regent, pijpenstelen zelfs, en ondertussen is het snikheet. Nadat het toestel veilig en wel op de grond staat, worden we met een bus naar de terminal gebracht. Hier begint het laatste deel van onze huwelijksreis. Hier beginnen de (sub)tropen. Denk hierbij namelijk niet alleen aan palmbomen, zwoele avonden en hardnekkige insecten: lange wachttijden bij de douane om vervolgens geholpen te worden door een jongeman die gelijktijdig met zijn vriendin aan de telefoon hangt is ook heel tropisch ;-)!

Mauritius. Een eiland in de Indische Oceaan, circa 855 km ten oosten van Madagaskar en circa 1800 km ten oosten van het vasteland van Afrika. De ideale bestemming voor een ontspannen en exclusieve honeymoon, zo luidt het algemene oordeel. Wij hadden geboekt bij de The Oberoi, een fantastisch resort gelegen aan de prachtige Baie aux Tortues (ofwel Turtle Bay). Hier verblijven wij twee volle weken, genieten van zon, zee, strand, maar toch vooral van elkaar.

De taxichauffeur staat ons al op te wachten in de Arrivals Hall. Het is vanaf het vliegveld pakweg een uurtje rijden naar het resort. Hoewel het donker is, biedt deze rit toch de gelegenheid om alvast wat eerste indrukken van het eiland op te doen. Mauritius wordt ook wel Little India genoemd en onze chauffeur is een zogenaamde Indo-Mauritiër. Tijdens de rit draait hij oude songs van Celine Dion, Michael Bolton en Madonna. Ik vermoed dat dit de interpretatie van ‘Westerse muziek’ is die gedraaid wordt om de toeristen te plezieren. Ik vermoed ook dat de cassette met ‘Westerse muziek’ verruild zal worden voor Filmi (de Indiase filmmuziek, uitgevoerd voor Bollywoodfilms) zodra wij de auto uitstappen ;-).

Langs de snelweg staan talloze reclameborden. Kinderen lachen vrolijk in de camera en wijzen onderwijl op een fles tomatenketchup. De snelweg is druk en rondom de hoofdstad Port Louis ontstaat er zelfs even file. Voetgangers, fietsers en honden lopen langs de autowegen en regelmatig haalt de taxichauffeur een manoeuvre uit waarvoor je in Nederland een jaar of wat je rijbewijs kwijt raakt. “Are you comfortable, sir?”, vraagt hij regelmatig aan Eric. Die kan natuurlijk alleen maar bevestigend antwoorden en daar moeten we samen een beetje om lachen.

Eenmaal aangekomen bij het resort belanden we in een ware oase. De oprijlaan is prachtig, met aan weerszijden hoge (palm)bomen en sfeervolle verlichting. Het resort is eigenlijk één grote subtropische tuin. Als we de taxi uitstappen worden we opgewacht door een ontvangstcomité. Personeel staat klaar met vochtige doekjes waar we ons mee op kunnen frissen, een welkomstcocktail en, –niet onbelangrijk-, een allervriendelijkste glimlach en de namasté. De namasté is een gebruikelijk hindoeïstisch gebaar, een kleine buiging met de handpalmen tegen elkaar gedrukt, om te groeten en respect te tonen. Na een uitgebreid welkom en een rondleiding worden we naar onze kamer gebracht: een Luxury Pavilion. Hier staat de tafel al voor ons gedekt: een flesje witte wijn (heerlijk, zo bleek later!) en allemaal kleine hapjes en versnaperingen. Nadat we goed en wel ingecheckt zijn en het personeel er zeker van is dat alles op en top en naar wens is, laten ze ons alleen. De kamer, -ons verblijf voor de komende twee weken-, is prachtig. Aan alle details is gedacht. We slapen in een hemelbed en de badkamer heeft een verzonken bad waar je gemakkelijk met z’n tweeën in past. We hebben toegang tot een tuintje met twee ligstoelen en uitzicht op de baai.

De rest van ons verblijf was geweldig. Superlatieven schieten tekort. Op en top luxe en verwennerij, heerlijk gegeten en gedronken. Hoewel we sommige dagen de auto pakten om het eiland te verkennen, waren we het merendeel van de tijd in het resort te vinden. Hier lagen we aan het strand of in het water en werden we verzorgd door het personeel. De beachboy (ik heb het niet bedacht) bracht droge, schone handdoeken nog voordat je uit het water kwam. We werden continu voorzien van water en fruit. In de middag werden er altijd een paar kokosnoten geslacht en die werden vervolgens uitgedeeld aan de strandgasten. Tussendoor kwam men zelfs vragen of ze je zonnebril voor je schoon mochten maken. Dat laatste ging altijd een beetje ver, maar toch, …ongelooflijk hoe snel je aan dingen gewend raakt ;-). Via het resort konden we ook gebruik maken van kano’s en kajakken, een snorkelset en zelfs een heuse catamaran.

Ik zal verder niet in detail treden over deze reis. Een honeymoon is immers ook een beetje privé en we willen wel iets voor onszelf houden ;-).

Welcome to paradise“, staat groot aangegeven op de borden in de aankomsthal van het vliegveld. En onze romantische getaway op Mauritius in The Oberoi was absoluut het paradijs. Lieve Eric, deze laatste woorden van de Huwelijksreis-serie zijn natuurlijk voor jou. Zoals jij (en ieder ander) weet is reizen één van mijn grote passies. “Home is where the backpack is“, schreef ik ooit. Nu weet ik dat een backpack alleen niet voldoende is. Ook samen hebben we al een aantal mooie, indrukwekkende reizen gemaakt, maar deze honeymoon is toch wel de meest bijzondere reis tot nu toe. Niet zozeer door de bestemmingen, -hoewel Zuid-Afrika en The Oberoi op ons beiden veel indruk hebben gemaakt. Ook niet zozeer door de activiteiten, -hoewel ik de cocktails, het snorkelen en private dining op het strand nooit meer zal gaan vergeten. Wat het bijzonder maakt dat zijn jij en ik, ik als jouw vrouw en jij als mijn man. Wij. Drie weken quality time na een fantastisch mooie trouwdag. Echt, met niemand liever dan met jou! Ik zeg: volgend jaar een Waddeneiland. En dan mag er van mij wederom met grote letters staan: “Welcome to paradise“.

(xus)

ps. De rest van de foto’s van Mauritius vind je in het menu onder ‘foto’!

5 comments on “Huwelijksreis deel II: Stellenbosch”

Huwelijksreis deel II: Stellenbosch

Iedereen die in Zuid-Afrika geweest is zal ongetwijfeld weleens gegrinnikt hebben om het Afrikaans. Volgens wikipedia is het Afrikaans de dochtertaal van het Nederlands, ontstaan uit zeventiende-eeuwse Nederlandse dialecten, en werd Afrikaans vroeger Kaap-Hollands genoemd. Waarschijnlijk is 90 tot 95% van de woordenschat van Nederlandse origine. Hoewel iedereen in Zuid-Afrika Engels spreekt, -en ook de bewegwijzering, reclame en overige publieke informatie in het Engels gecommuniceerd wordt-, ontbreekt het Afrikaans zeker niet in het straatbeeld. En dat levert vaak grappige situaties op. Zo is ‘lift’ in het Afrikaans ‘hijsbakkie’. ‘Verkeerslicht’ wordt ‘robot’ en een ‘viaduct’ noemt men een ‘duikweg’. Bij elke ‘robot’ staat een bord: druk knoppie. Stel dat je op een andere willekeurige plaats in Zuid-Afrika juist niet op dat knoppie zou mogen drukken, zou er staan: nie knoppie drukken nie. Een parkeerweg langs de snelweg wordt ‘aftrekplek’ genoemd. Een vrijgezel is een ‘alleenloper’ en een middelbare school wordt ‘hoërskool’ genoemd. Je moet er in Zuid-Afrika rekening mee houden dat de lokale bevolking jouw Nederlands redelijk kan volgen, net zo goed als jij het Afrikaans in grote lijnen kunt volgen (hoewel bemoeilijkt door dialect en spreektempo).

Stellenbosch
Voordat we van Kaapstad naar Mauritius vlogen hebben we nog een paar dagen in Stellenbosch doorgebracht. Dit kleine stadje (60.000 inwoners) staat niet alleen bekend om de universiteit, maar ook om de karakteristieke eikenbomen en de ligging tussen de mooiste wijnvelden van het land. (De vele eiken zijn overigens een overblijfsel van de grote behoefte aan eikenhout in de begintijd van de (Europese) wijnboerderijen, die waren namelijk gewend hun wijnvaten van eikenhout te maken.)
Stellenbosch ligt op nog geen uurtje rijden van Kaapstad. Ook hier vind je townships en onheilspellende beveiliging rondom de woningen, maar toch doet het stadje veel gemoedelijker en veiliger aan. De locals benoemen dit evengoed: in Stellenbosch kun je ’s avonds prima over straat. Nog een opvallend verschil met Kaapstad is de taal. Waar Kaapstad voornamelijk Engelstalig georiënteerd is, is Stellenbosch bijna uitsluitend Afrikaanstalig. Slechts zeven procent spreekt hier Engels. Dit heeft vermoedelijk voor een groot deel te maken met de universiteit. De lessen op zowel het bachelor- als het masterniveau worden in het Afrikaans onderwezen. Dit is opvallend, gezien het feit dat de Zuid-Afrikaanse overheid juist steeds meer druk uitoefent op landelijke universiteiten om het onderwijs in het Engels aan te bieden. Hier hebben ze zich in Stellenbosch altijd tegen verzet, tot op heden met succes. Een ander onderwerp van discussie en protest zijn de plannen om de universiteit van Stellenbosch (voornamelijk blank) en de universiteit van Kaapstad (voornamelijk kleurling) te laten fuseren, dit met het doel om Stellenbosch wat meer ‘kleur’ te geven. De universiteit kent namelijk de laagste integratiecijfers van zwarte en gekleurde studenten in Zuid-Afrika. Momenteel is slechts 23 procent van de studenten van zwarte, gekleurde of Indische afkomst. Tijdens het Apartheidsregime was de universiteit van Stellenbosch een louter blanke, Afrikaanstalige universiteit. In de jaren tachtig werden mondjesmaat zwarte studenten toegelaten, maar het is pas sinds de val van het regime dat de universiteit echt open staat voor zwarten en gekleurden.

Markt
Maar goed, genoeg over de universiteit. Wij waren immers op vakantie, huwelijksreis welteverstaan, en dan onderneem je over het algemeen andere activiteiten. Zoals een bezoek brengen aan de lokale markt. En die was leuk in Stellenbosch! Elke zaterdagochtend is er de Fresh Food Market, een zogenaamde slow food market waar alle producten vers worden bereid door de marktverkopers. De Fresh Food Market is een heel levendige markt waar je met gemak uren doorheen kunt kuieren. Vanuit pakweg vijftig kraampjes wordt er een grote verscheidenheid aan internationaal, multicultureel eten en drinken aangeboden: versbereide sushi, kebab, couscous en allerlei heerlijke verse salades. Vlees en vis wordt voor je neus gebakken op een grillplaat of in een frituurpan. Een Duitser (ver)koopt authentieke bratwursten. Zijn kraam staat pal naast de dames van het gebak. Er ligt een arsenaal aan groenten, fruit, kaas en vleeswaren. Brood is er in alle soorten en maten. Een koffiestandje verzorgt de lekkerste espresso. Wij kregen acuut spijt dat we die ochtend in het hotel een uitgebreid ontbijt genuttigd hadden, maar gelukkig vonden we nog een gaatje. Oesters met champagne (och, waarom niet?) en sushi en couscous ingepakt en wel in de rugzak voor de picknick later die dag.

Wijnen
Zuid-Afrika staat natuurlijk bekend om de wijnstreken/wijnen en rondom Stellenbosch vind je een aantal prachtige wijngaarden. Nadat wij uitgestruind waren op de markt reden we naar het Waterford Estate. Eikenbomen en wijngaarden, een landweg met citrusbomen en lavendel met in de verte het landgoed… Het doet allemaal wat mediterraans aan en het is werkelijk prachtig. Na een kleine rondleiding kregen we een tafeltje op het terras en werden er beurtelings wat wijnen voor ons neergezet, soms vergezeld van een stukje chocola. De dessertwijn, de Waterford Heatherleigh, is heerlijk en hiervan bestelde ik na de proefsessie nog een glas. Ze keken me even raar aan en ik concludeerde dat de Heatherleigh de meest onwaarschijnlijke keus is zo vlak voor de lunch. Gekke Hollanders! ;-)

Franschhoek
De rest van onze tijd in Stellenbosch is gewoon heel ontspannen. Lekker eten, drinken en wat rondstruinen door Stellenbosch en de omliggende dorpjes. Zo brachten we een bezoek aan Franschhoek. Franschhoek is genoemd naar de 200 Franse Hugenotenfamilies die hier in 1688 neerstreken op de vlucht voor het toenmalige bewind van Lodewijk XIV in Frankrijk. De Fransen hadden uiteraard een niet te onderschatten kennis op het vlak van wijnbouw en gastronomie. Wij namen er een kijkje bij het Huguenot Monument, een herdenkingsmonument ter nagedachtenis aan, -en ter ere van-, de Franse Hugenoten. Vanuit Franschhoek hebben wij de beroemde Franschhoekpas gereden, een klim waar maar geen einde aan lijkt te komen. Schitterende uitzichten.

Seizoenen en studenten
Tijdens ons bezoek in juli was het in Zuid-Afrika hartje winter, maar het was alles behalve koud. De temperatuur schommelde telkens tussen de vijftien en twintig graden. Blijkbaar is de gemiddelde Zuid-Afrikaan of zeer kouwelijk, of heeft hij ondanks de aangename temperatuur gewoonweg behoefte aan een winterseizoen. Op veel plekken in Kaapstad en Stellenbosch brandt binnen de open haard, wat voor een eigenaardig gevoel zorgt als je op je teenslippers en shirtje langsloopt. Mensen die buiten op het terras aan een Afrikaans wijntje nippen doen dit onder een heater en het liefst ook onder een fleece deken. Toegegeven, het heeft wel iets gezelligs.

Stellenbosch is een echte studentenstad. Jonge mensen, studentenverenigingen, heel veel sportactiviteiten en af en toe dronken gelal en gezwalk over straat getuigen hier van. We hebben ons er te weinig in verdiept, maar ik vraag me af of bier voor deze studenten ook het vloeibare goud is, of dat de jongens en meisjes hier het weekend inluiden met / zich te buiten gaan aan louter Chardonnay of Cabernet Sauvignon van de plaatselijke wijnboer. ;-)

Anyway, er zijn nog veel vragen over. Het is alweer tijd om afscheid te nemen van Zuid-Afrika. Wij hebben slechts een piepklein stukje van dit enorm grote land bezocht, maar de verscheidenheid die wij in dit korte tijdsbestek tegen zijn gekomen, heeft ons overtuigd om nog eens naar Zuid-Afrika terug te keren.

Zuid-Afrika, …Totsiens!

(Wil je alle foto’s van Stellenbosch bekijken? Ze staan in het menu onder ‘foto’.)

5 comments on “Huwelijksreis deel I: Kaapstad”

Huwelijksreis deel I: Kaapstad

Nadat Eric en ik besloten hadden om onze huwelijksreis in Kaapstad te beginnen, heb ik me in eerste instantie voorbereid op een stedentrip. Kaapstad, ook wel de moederstad van Zuid-Afrika genoemd, is natuurlijk één van de allermooiste steden ter wereld, niet in de laatste plaats door de ligging aan de Atlantische Oceaan en aan de voet van de beroemde Tafelberg. Toch heb ik voorafgaand aan ons bezoek langer stilgestaan bij de bezienswaardigheden en the places to be in de stad zelf dan bij het natuurschoon en de rijke flora en fauna in en rondom de stad. Dit kwam daardoor als een welkome verrassing. Wat eveneens als een verrassing kwam was de emotionele impact die de stad op mij had. Kaapstad mag dan een prachtige, levendige en ogenschijnlijk gemoedelijke stad zijn, maar zij kent evengoed een donkere geschiedenis van slavernij en apartheid. Het Apartheidsregime is in 1990 officieel afgeschaft, maar, zo schrijft de Lonely Planet treffend:

Visit South Africa and reminders of its past greet you at each turn. The country’s human drama is reflected in the faces and in the walks of millions of its citizens.”

Criminaliteit, hiv/aids, discriminatie en armoede zijn problemen waar het land op grote schaal mee te kampen heeft. Honderdduizenden mensen zitten ‘vast’ in de townships en streven elke dag naar een betere levensstandaard. De Zuid-Afrikaanse overheid, maar ook de bewoners van de townships zelf, hebben verschillende projecten opgezet om de leefomstandigheden en het toekomstperspectief van de mensen in de gemeenschappen te verbeteren. Er is echter nog een lange weg te gaan.

Eerste indrukken
De vlucht van Schiphol naar Kaapstad duurt elf uur. Omdat de KLM natuurlijk allang wist dat wij op honeymoon waren, -overbodig was het feit dat ik het had gemeld bij de incheckbalie, de boardinggate en bij het cabinepersoneel-, kregen we een glaasje champagne aan boord. Leuk begin van de reis! Daar zit je dan: lekker veel beenruimte, je natje en je droogje en een interactief mediasysteem tot je beschikking. Ondertussen vlieg je over de uitgestrekte Sahara, zandstormen en eindeloze wegen. Je vliegt over landen als Algerije, Niger (één van de armste landen ter wereld volgens de definitie van het IMF), Nigeria en Angola. ’s Avonds laat landden we in Kaapstad. Ondanks dat we een lange vlucht achter de rug hebben, zijn we allebei energiek en enthousiast. Kaapstad staat al geruime tijd op mijn verlanglijstje, eigenlijk vanaf het moment dat ik mijn ‘reiscarrière’ in Australië begon. Op het vliegveld ga ik nog even snel naar het toilet. (Wie niet, trouwens?) Hier hangt een reclameposter voor een nieuw shampoomerk. “For all skin colours“, staat er onder. Grappig en opvallend, …in Nederland zou men het hebben over haar- of huidtypen. Kleur is sinds de afschaffing van het Apartheidsregime officieel geen stratificerende factor meer, het is, -afgaande op deze goedbedoelde reclameposter-, nog wel een factor waarmee de Zuid-Afrikaanse bevolking ingedeeld wordt.

Het is inmiddels donker en onze taxichauffeur brengt ons naar het hotel: Four Rosmead, een zogenaamd boutique guesthouse op loopafstand van het centrum. Daar het te laat en te donker is om ons goed te kunnen oriënteren in de stad en de aanblik van ons boutique guesthouse omringd door hoge muren, prikkeldraad en hoogspanningsbeveiliging bovendien wat onheilspellend aandoet, besluiten we die avond lekker in het hotel te blijven. De ontvangst in het hotel, de gastvrijheid en de vriendelijkheid voelt als een warm bad. We krijgen een prachtige kamer toebedeeld en kruipen die avond heerlijk onder de lakens.

Long Street & meer
De volgende dag staat de huurauto voor ons klaar. Wij besluiten echter om de stad al wandelend te verkennen. Na wat struinen en kaartlezen belanden we in The Company’s Garden, een 350 jaar oude tuin, waarin niet alleen het parlementsgebouw en het Tuynhuis te vinden zijn, maar ook tal van musea en culturele centra. Wij lopen echter door naar Long Street. Long Street is gewoon, …tja, Long Street. Een lange straat (;-)) bomvol cafés, winkeltjes en eetgelegenheden. Het uitgaanscentrum en backpackerswalhalla van Kaapstad. Overdag kun je hier kiezen uit tal van cafés voor een kop koffie of een snelle lunch en ’s avonds weet je van gekkigheid niet waar je aan tafel moet voor een avondmaal. Long Street loopt over in Kloof Street. Deze straat is een stuk rustiger dan Long Street, maar desalniettemin erg leuk. Via een zijstraat van Long Street bereik je de Greenmarket Square. Eén en al gezelligheid. Op deze markt worden bijna uitsluitend handgemaakte Afrikaanse souvenirs gekocht. Denk aan houtsnijwerk, sieraden en allerlei toeristische prullaria. Om de markt heen bevinden zich touroperators die toeristen The Big Five of een kijkje in de townships van Kaapstad beloven.
Onze hotspots: R Caffé, vida e caffè en Melissa’s voor koffie, Mama Africa voor Zuid-Afrikaanse gerechten en een authentieke Afrikaanse ervaring (lees: zeer toeristisch maar een must-see) en Long Street Cafe voor al het bovengenoemde en meer.

Parking marshalls
Overal in Kaapstad, en trouwens ook in Stellenbosch, vind je zogenaamde parking marshalls. Elke parkeerplaats in de stad valt onder een parkeerzone en hiermee onder verantwoordelijkheid van een marshall. Een aantal marshalls zijn in dienst van de gemeente en voor de parkeerplekken op bijvoorbeeld Long Street moet een vast tarief betaald worden aan deze mannen. Op veel plekken echter staan de marshalls er als kleine zelfstandigen en betalen is hier optioneel. Als je aan komt rijden wijzen ze je vrije parkeerplekken aan (handig), ze helpen je met in- en uitparkeren (vaak zeer overbodig), maar het belangrijkste is dat ze een oogje in het zeil houden. Het geeft een prettig gevoel. Als je vervolgens terugkomt vertellen ze nadrukkelijk dat alles goed gegaan is en dat er geen problemen zijn geweest met de auto: “Everything is fine, yes! Thank You!”, roepen ze. Met andere woorden: “Give me some money!”. Geen probleem. Wij een gerust gevoel, zij een paar rand rijker.

Castle of Good Hope en V&A Waterfront
Een bezoek aan Kaapstad is niet compleet zonder een bezoek aan de Castle of Good Hope. Het Kasteel is het oudste koloniale gebouw van Zuid-Afrika en is gebouwd door de eerste Nederlandse kolonisten van de VOC tussen 1666 en 1667. Het Kasteel fungeerde aanvankelijk als bevoorradingspost voor schepen van en naar het oosten. Boven de ingang van het fort schittert het embleem van De Verenigde Nederlanden: een leeuw met de zeven pijlen van de eenheid in zijn klauw. Eronder staan de wapenschilden van Amsterdam, Delft, Van Hoorn, Middelburg, Rotterdam en Enkhuizen (dit waren de Nederlandse steden waar de VOC een zetel had). Leuk om even gezien te hebben.

Meerdere malen zijn we echter teruggekeerd naar Victoria and Alfred Waterfront (kortweg: V&A ). Denk: haven, live muziek, terrasjes, winkels en straatentertainment. Wij hebben hier heerlijk geluncht bij Den Anker, een heus Belgisch café in Zuid-Afrika. Eric ging natuurlijk lekker aan het Belgisch bier! Vanaf het terras heb je uitzicht op de Tafelberg en de baai. We hebben hier zelfs zeehonden gezien. In V&A vind je ook het Two Oceans Aquarium. Hier kun je allerlei vissen uit de Atlantische en Indische oceaan bekijken. Ook is de ragged-tooth shark te spotten. Zoals elk zichzelf respecterend aquarium tegenwoordig vind je ook in Two Oceans een speciale afdeling met nemo’s (clown vis). Je kunt hier onder het aquarium doorkruipen (en vervolgens halverwege weer omhoog komen), waardoor je vervolgens met je hoofd tussen de vissen zit. Je moet wel gehurkt blijven zitten, want het is maar net een meter hoog. Of zou het voor kleine kinderen bedoeld zijn? Hmm… Welnee joh!

Het Kaapse schiereiland
De tweede dag in Kaapstad pakken we de auto. Het duurt een minuut of vijf, maar dan zijn we helemaal gewend aan het ‘links rijden’, alsof we nooit anders gedaan hebben. We rijden vanaf het hotel naar Camps Bay. Zuid-Afrika, en voornamelijk de Westelijke Kaap-provincie, is talloze prachtige stranden rijk. Tijdens ons verblijf in Kaapstad was het winter (plusminus 15 tot 20 graden), dus helaas niet de ideale omstandigheden voor een duik in het water of een dag luieren in het zand. Wij besluiten de stranden gewoon te bekijken, een wandeling langs de kust te maken en lekker een drankje te doen op één van de terrassen. Camps Bay, vroeger uitsluitend toegankelijk voor blanken, is prachtig: een hagelwit strand, een azuurblauwe zee, palmbomen en een strand dat naadloos overgaat in een boulevard.

Na de koffie rijden we door naar Signil Hill. Vroeger werden van hieruit de schepen met grote vlaggen de haven van Kaapstad binnengeleid. Ga dus maar na wat een spectaculair uitzicht je vanaf deze heuvel moet hebben. Je kijkt uit over de Tafelberg en het voetbalstadion in Greenpoint.

Een bezoek aan Kaapstad is nooit compleet zonder een bezoek aan het schiereiland: The Cape Peninsula (Afrikaans: Kaapse Skiereiland). We stoppen voor lunch in Houtbaai, een vissersplaatsje waar zeesnoek de specialiteit is, en beginnen vanaf hier de Chapman’s Peak Drive.

De Chapman’s Peak Drive is één van de hoogtepunten van ons bezoek aan Kaapstad en volgens ‘kenners’ is dit één van de mooiste autoroutes ter wereld. De weg slingert van Houtbaai naar Noordhoek over een afstand van negen kilometer. Adembenemende uitzichten op de Atlantische Oceaan, kliffen, baaien en kleine eilandjes.

Het hoogtepunt (of eigenlijk het meest zuidwestelijke punt) van het schiereiland is Kaap de Goede Hoop. Kaapstad is begonnen bij wat wij nu kennen als Kaap de Goede Hoop. Hier vestigde Jan van Riebeeck in 1652 een verversingspost voor de Nederlandse VOC. Wij beginnen bij Cape Point, een klif met een groot uitzichtplatform. Helemaal op het uiterste punt van Cape Point staat de oude vuurtoren, daterend uit 1860 en gelegen op 238 meter boven zeeniveau. Vanaf dit punt heb je een wijds uitzicht over de Atlantische Oceaan. Kaap de Goede Hoop werd in het verleden ook wel de Cape of Storms genoemd, wegens het feit dat veel schepen schipbreuk leden door de enorme stormen en de gevaarlijk hoge kliffen. Veel ongelukken zijn ook mede veroorzaak doordat de oude vuurtoren vaak in mist gehuld was. Na een ongeluk in 1911 is er in 1914 een nieuwe vuurtoren opgetrokken, op 87 meter boven zeeniveau. Veel van de scheepswrakken zijn zichtbaar vanaf de kust.

District Six
De laatste dag in Kaapstad bezoeken we het District Six Museum, opgericht in 1994. Hier vind je een expositie over de gewelddadige verdrijving van alle inwoners van District Six in 1966. Tot de jaren zeventig woonde ongeveer een tiende deel van de Kaapse bevolking in deze buurt. De gemeenschap bestond uit bevrijde slaven, immigranten en kooplui. In 1950 schreef de blanke apartheidsregering de Group Areas Act uit en tijdens het bewind halverwege de jaren zestig werd besloten dat District Six blank gebied was. Alle kleurlingen werden gedwongen te vertrekken. In de daaropvolgende jaren zijn er zestigduizend mensen gedwongen te verhuizen naar de Cape Flats, de grote braakliggende terreinen rondom het vliegveld. Nadat alle gebouwen in de wijk met een bulldozer waren platgegooid, gaf de regering de wijk een nieuwe naam: Zonnebloem. Tot op de dag van vandaag is er niks van de overheidsplannen ten uitvoering gebracht en is het voormalige District Six een braakliggend terrein. De plek is simpelweg te beladen. Inmiddels worden er plannen gesmeed om er een groot stadspark van te maken. Het museum is indrukwekkend. Vroegere bewoners van de wijk zijn werkzaam in het museum en een grote getekende kaart op de vloer geeft vroegere wijkbewoners de gelegenheid om met krijt aan te kruisen waar hun huis stond. Eric en ik spenderen bijna twee uur in het museum, allebei gefascineerd en geraakt door de persoonlijke verhalen, foto’s en artikelen die er tentoongesteld zijn.

En verder
Een paar dagen later zitten Eric en ik in de auto. We rijden over de N2 richting het vliegveld voor onze vlucht naar Mauritius. We rijden langs één van de grote en oudste townships van Kaapstad: Nyanga (betekent ‘maan’ in Xhosa). Hier wonen naar schatting 170.000 mensen, maar het kunnen er evengoed twee keer zoveel zijn. De beelden die ik in een paar flitsen te zien krijg zijn schrijnend. Zeventig procent van de mensen hier is werkloos en vijfentwintig procent lijdt aan hiv/aids. Ik realiseer me dat dit de prijs is die Zuid-Afrika moet betalen voor honderden jaren van sociaal wanbeleid, discriminatie en apartheid. Langzaam maar zeker wordt er vooruitgang geboekt, op bepaalde levensterreinen en voor bepaalde mensen. Mensen zijn ook niet alleen maar slachtoffer, ze zijn ook actors. En hoewel de sociale problemen nog alom aanwezig zijn, ontstaat er vandaag de dag ook meer ruimte voor trots, initiatief en hoop. Kaapstad is één van de allermooiste steden waar ik ooit geweest ben. Zuid-Afrika is één van de meest beladen, maar gelijktijdig ook één van de meest interessante landen waar ik ben geweest.

Wij zijn in totaal drie dagen in Kaapstad geweest. En ja, dat is veel te kort. Helaas is het niet gelukt om Robbeneiland te bezoeken (volgeboekt). Ook was het achteraf gezien erg interessant geweest om enkele townships te bezoeken. Maar, …des te meer reden om nog eens naar Kaapstad terug te keren!
Voordat wij naar Mauritius vliegen verblijven we nog drie dagen in Stellenbosch. Verslagen van Stellenbosch en Mauritius zullen hier spoedig verschijnen.

2 comments on “Van bruidroof naar huwelijksreis”

Van bruidroof naar huwelijksreis

Onlangs zijn mijn lief en ik in het huwelijksbootje gestapt. Na een jaar van voorbereiding en voorpret was het dan eindelijk zover: 23 juni! Onze Trouwdag! Nu kunnen we alleen nog terugkijken op een prachtige mooie, maar vooral ook een heel leuke dag.

Na de trouwdag volgt traditiegetrouw de huwelijksreis. De antropoloog in mij is van nature nieuwsgierig naar de oorsprong van allerlei tradities en/of dagelijkse (symbolische) handelingen waar wij in ons leven mee worden geconfronteerd. Ik ben me ervan bewust dat de gebruiken die wij vandaag de dag ‘traditie’ of ‘traditioneel’ noemen in vroegere tijden of in andere contreien vaak gewoon de dagelijks praktijk zijn. Verrichtingen of gebruiken om ervoor te zorgen dat alles naar behoren functioneert en blijft draaien. In het geval van het verschijnsel ‘trouwen’ –een ritueel an sich- zou je hier een volwaardig promotieonderzoek naar kunnen verrichten. Geen enkel ander social event is zo doordrenkt van rituelen en symboliek.

Maar goed, we hebben het nu over de huwelijksreis. Misschien is het daarom wel leuk om nader in te gaan op de achtergrond van deze traditie. Ik heb één en ander aan speurwerk (lees: google) gedaan en ik kwam achter het volgende: De huwelijksreis zoals wij die vandaag de dag kennen is ontstaan uit het fenomeen bruidroof uit de Middeleeuwen. In deze tijd hadden vrouwen weinig te vertellen inzake of en met wie zij zouden trouwen. Mannen gingen toen nog niet op hun knieën om de hand van hun geliefde te vragen (deze hedendaagse traditie stamt dus uit een ander tijdperk, maar laten we niet afdwalen). De familie van de bruid gaf hun dochter ook niet zomaar weg, zeker niet aan mannen van een andere ‘stam’ of een lagere klasse. De arme stakkers zagen zich dan ook genoodzaakt een alternatieve verlovingsmanier toe te passen. De Engelse uitdrukking ‘swept off her feat’ komt uit deze tijd, waarin mannen hun beoogde levenspartner gewoon over de schouder gooiden en hen meeroofden om hen tot bruid te kunnen maken. De mannen moesten zichzelf en de vrouw een tijd met behulp van vrienden verborgen houden, totdat de familie de zoektocht staakte. Na deze periode konden de mannen weer gewoon verschijnen. Echter, doordat de vrouw meestal zwanger was of in ieder geval aangetast in haar reputatie, kon de familie niets anders doen dan instemmen met een huwelijk tussen hun dochter en de kidnapper. En ze leefden nog lang en gelukkig. (Bron: http://www.theperfectwedding.nl)

Broodje aap of niet, dat zullen we nooit met zekerheid kunnen zeggen. Romantisch? Tja, ook daar zullen de meningen uiteenlopen. Overigens is het een praktijk die volgens een artikel in Opzij nog dagelijkse praktijk is in de voormalige sovjetrepubliek Kirgizië in Centraal-Azië: ‘Ala kachuu’ oftewel bruidroof – het ontvoeren van vrouwen met als doel hen tot een huwelijk te dwingen. Soms heeft een vrouw ‘geluk’ en pakt het goed uit, maar vaker is het bittere ellende. (Bron: http://www.opzij.nl/WAD-Mediabank-pagina/Jij-gaat-morgen-met-me-trouwen.htm)

Wij associëren de huwelijksreis in ieder geval met tropische stranden, een azuurblauwe zee en waaiende palmbomen. Of in ieder geval met een ‘welverdiende’ vakantie om bij te komen van alle hectiek van (rondom) de trouwdag. Eric en ik kozen voor een combinatiereis naar Zuid-Afrika en Mauritius. Het is wederom een bijzondere reis geworden: een lach en een traan in Kaapstad, ongekende luxe in Mauritius. Een dikke drie weken lang. Nog even geduld, de reisverhalen zullen zeer spoedig op dit blog verschijnen.