0 comments on “Let Love Rule”

Let Love Rule

Collega A en ik drinken samen koffie op de trappen in het uitgestorven Polak gebouw op de Erasmus Universiteit. Alle werkgerelateerde zaken zijn besproken en ons gesprek gaat weer ‘gewoon’ over de liefde. Of eigenlijk; over (internet)daten en relaties. Collega A is fortysomething en single. Naar eigen zeggen niet naarstig op zoek naar een relatie – of misschien zelfs wel helemaal niet – maar wel gezellig geregistreerd op een datingsite. Je weet maar nooit.
“Weet je, Karin”, zegt ze na lang beraad. “Uiteindelijk is het hebben van een leuke en fijne relatie toch waar het gros van de singles naar verlangt.” Ze is opgestaan om de drinkbekertjes van New Fork in de prullenbak te gooien. “Maar waarom…”
“…waarom lukt het dan zo vaak niet”, vul ik haar aan.
“Juist.”

Collega A is niet de enige single in mijn vrienden- en kennissenkring. Sterker nog; het gros is af en aan single. De redenen zijn divers; geen tijd, te veeleisend of juist niet (langer) kritisch genoeg, te onafhankelijk of juist te aanhankelijk, niet genoeg kunnen/willen/durven geven of juist teveel. Zij die denken nog alle tijd van de wereld te hebben tegenover de groep die geen tijd meer wil verliezen. I’ve seen it all.

Hij uit de zakenwereld, in pak en op van Bommeltjes; ik een antropologiestudente van Zuid op teenslippers

“Ja, jij hebt het al!”, zeggen mensen weleens tegen mij, altijd met die mengeling van bewondering, verwondering en hoop. Soms oprecht blij, soms een tikje jaloers. “Jij en Eric horen bij elkaar – dat ziet zelfs een blind paard – én jullie hebben elkaar gevonden. Kortom; jij bent het bewijs dat het kán – nu ik nog.” Sure thing. Maar weet je wat mij nu zo opvalt? Dat de mensen die dit zeggen mij als een mazzelaar zien. Alsof het een toevalstreffer was waar zelfs Cupido stomverbaasd naar stond te kijken. Alsof ware liefde of die ene leuke man/vrouw hun – ondanks alle inspanningen en goede bedoelingen – niet gegund is en er niets anders rest dan een laatste beetje hoop putten uit de geïdealiseerde succesverhalen van anderen waarbij ‘de ware’ plotsklaps op het pad verscheen en hun hart veroverde.
Nee, you can’t hurry love, zongen The Supremes in 1966 al. Maar je kunt het lot wél een handje helpen en er in ieder geval voor zorgen dat je je eigen glazen niet doorlopend ingooit. Want dat is wat ik doorlopend zie gebeuren.

warjtvx0Iedereen zal begrijpen dat Eric en ik geen ‘Lexa match’ waren. Dik 21 jaar leeftijdsverschil, op het eerste gezicht twee totaal verschillende personen uit totaal verschillende leefwerelden. Hij uit de zakenwereld, in pak en op van Bommeltjes; ik een antropologiestudente van Zuid op teenslippers. Ik toen nog lekker links, hij lekker rechts. Liefde op het eerste gezicht? Mwa. Ik vond Eric de eerste tien minuten een tikje intimiderend; de blik waar ik later zo voor viel leek toen vooral…, ehm…, nors. Hij vond mij in eerste instantie – vermoedelijk – gewoon een lekker wijf. Ik heb mijn stinkende best gedaan mezelf wijs te maken dat het nooit iets kon worden tussen ons, ondanks de niet te stuiten passie. Hij op zijn beurt trok alles uit de kast om mij te laten zien dat we voor elkaar gemaakt waren, óók – of juist – in the long run. Mijn tempo, zei hij in het begin steevast. “Maar er komt een moment, meisje, dat ik echt ga vechten om je van mij te maken.” Die woorden – onheilspellend, arrogant, lief maar vooral rete-spannend – vergeet ik nevernooit meer. Maar, I know how to keep my cool. Charmant glimlachend haalde ik mijn schouders op en we proostten met onze glazen bubbels. We zopen in die periode als gods Maleiers.
Eric en ik gaan nooit meer uit elkaar.

(Eigenlijk zou ons verhaal verfilmd moeten worden. Ik dacht zelf aan Mr. Big en Rihanna in de hoofdrol. Helaas neemt Nick Cassavetes zijn telefoon niet op. Ik blijf het gewoon proberen.)

Ik dwaal af.

Een tijdje geleden zat ik – Karin Koolen de antropoloog, betweter in de liefde – aan tafel met het team van Married At First Sight. Je weet wel, dat RTL4 programma waarin mensen gematcht worden door de wetenschap. We bogen ons over de vraag; als zoveel singles een relatie wíllen, waarom lukt het ze niet?

Zijn we het verleerd? De liefde

Ik denk dat ik daar inmiddels wat zinnigs over kan zeggen. En hoewel het antwoord op die vraag natuurlijk allerminst eenvoudig of eenduidig is, vatte ik zojuist het idee op om hier een reeks korte artikelen over te schrijven. Gewoon, hier op mijn blog; mijn ideeën, dicht bij mezelf en deels over mezelf. Want De Liefde blijft nu eenmaal het onderwerp waar ik het allerliefst over praat en schrijf. Ik zal altijd een hopeloze romanticus zijn. Ik zal altijd blij zijn als ik iemand ontmoet die vol trots, liefde en passie over zijn of haar geliefde spreekt.

Ik zal schrijven waarom ik denk dat we te veeleisend zijn maar tóch niet kritisch genoeg. Ik zal uitleggen waarom ik de uitspraak ‘een relatie moet een aanvulling zijn en geen invulling’ totale bullshit vind. Over de illusie van maakbaarheid, de illusie van perfectie én de illusie van gelijkheid. Over de angst om kwetsbaar te zijn, over de obsessie met hoe anderen ons zien. De angst voor het verlies van controle. Misschien ook wel over de angst om onbedoeld een seksist te zijn en grenzen van anderen te overschrijden… Over de contradictie tussen wat mensen echt (onbewust?) willen en wat ze daadwerkelijk doen. Tussen wens en handeling. Tussen wat we van een ander verlangen en hoe we ons vervolgens zélf opstellen.

Menig vrouw loopt warm voor de liefde in films als The Notebook, Fifty Shades of Grey, An Officer and a Gentleman (oeh, die laatste scene!), Pretty Woman en Twilight (bdsm, officieren, prostitutie, vampieren… Desondanks exact hetzelfde concept en daarmee exact dezelfde films). Dit is blijkbaar wat ons hart sneller doet kloppen; de schijnbaar onmogelijke match, maar de liefde die overwint omdat er simpelweg geen houden aan is. Omdat hij alles uit de kast trekt en niet opgeeft als zij de boel afhoudt; omdat zij haar hart volgt. Enerzijds smachten we naar die liefde, anderzijds houden we – doodsbenauwd voor het verlies van controle en de angst gekwetst te worden – ons hoofd het liefst koel tijdens onze eigen zoektocht naar een man of vrouw.

Zijn we het verleerd? De liefde. Het flirten. De passie, die onmiskenbaar voortkomt uit de touwtjes loslaten en je hart en lijf laten spreken?

Daar maak ik me weleens druk om. Ik maak me ook druk om Syrië hoor, en ja, ik tob wat af over de aanslagen in Frankrijk en Turkije, over vrouwenbesnijdenis in Somalië en het onderdrukkende politieke regime in Saoedi-Arabië. Over klimaatverandering en milieuvervuiling, over bedreigde ijsberen en stierenvechten en arme honden die aan bomen gebonden worden omdat het baasje wil kamperen in Spanje. Over alles wat kut en klote is in de wereld. Maar hierover dus ook. Misschien wel juist nu. Want ik geloof in de liefde. En wat zou een wereld zonder liefde zijn. Daarom: Let Love Rule. Maar dan echt.

Volgende keer: Te veeleisend, maar niet kritisch genoeg!

0 comments on “Waarom ben jij nog single?!”

Waarom ben jij nog single?!

Ze zien er goed uit, hebben een prima baan en kunnen lekker kletsen. En toch zijn ze nog single. Vier mannen over versieren, afknappers en blauwtjes lopen.

Verschenen in: Vrouw magazine 16 oktober 2015
Tekst: Karin Spillenaar-Koolen
Beeld: Feriet Tunc

Lees het artikel hier.

3 comments on “Seks in de kunuku: deel 2 | (Let’s talk about ♂ ♀)”

Seks in de kunuku: deel 2 | (Let’s talk about ♂ ♀)

Let’s talk about ♂ ♀! In deze rubriek maak ik jullie deelgenoot van mijn belevenissen met mannen door de tijd heen. Deze aflevering: Seks in de kunuku op Bonaire, deel 2.


<< Deel 1
We rijden weer. De lichten van het grote stadion doemen alweer op in de verte. Daddy Yankee is inmiddels opgehouden met spelen. In plaats daarvan heeft M. een cd vol gedateerde rapmuziek opgezet. Het klinkt hol en krakend uit de speakers. Het meisje zit weer voorin. Ze heeft geen woord gezegd en kijkt strak voor zich uit. Ik vind dat knap, mensen die écht strak voor zich uit kunnen kijken. Ik ben daar simpelweg niet toe in staat. Mijn ogen schieten doorlopend alle kanten op, mijn oren zijn voortdurend gespitst. Ik wil niks missen van hetgeen er naast en achter me gebeurd, zo bloednieuwsgierig ben ik naar de wereld om me heen. Zij niet. Althans, schijnbaar niet.
M. brengt de auto tot stilstand voor een rood geschilderd huis. Hij fluistert iets in haar oor, zij rolt met haar ogen en met een schijnbaar hautaine beweging stapt ze uit. In mijn maanden op het eiland heb ik allang geleerd daar doorheen te prikken. Het is een maniertje van doen. Ik had haar graag nog willen vertellen dat ze alle reden heeft om écht trots te zijn, dat ze deze kerel niet nodig heeft voor wat ze dan ook van hem nodig denkt te hebben. Dat ze beter is dan dit, maar dat allereerst en vooral zelf moet beseffen. Maar ze is al naar binnen.

Vrouwen kijken de kat uit de boom, mannen verwelkomen me met open armen

Ineens zie ik mezelf zitten. In deze auto met geblindeerde ramen en de bestuurdersstoel op stand middagdutje (ik vermoed dat M. nog nét over het stuur heen kan kijken), met twee mannen met elk drie telefoons op zak en de rap nog steeds oorverdovend uit de speakers.
En ik schiet hardop in de lach.
“Heb je het naar je zin, dushi?” M. zoekt oogcontact via de achteruitkijkspiegel. Zijn ogen fonkelen even intens als zijn gouden voortand. Hij heeft duidelijk zijn dag vandaag. Het werkt – hoe gek ook – een beetje aanstekelijk.
“Nou, echt hoor!”, antwoord ik. “Hell yeah, dolle pret!”
“Lekker relax toch?”, vult Jimmy aan. “Beetje rijden…, beetje chillen…”
Ik knik bevestigend. Mijn sarcasme ontgaat de heren volledig. God, ik verlang weer even naar normaal gezelschap. En naar een biertje. Polar, Amster Bright, whatever. Vermoedelijk nog maar zesentwintig rondjes door het kleine centrum voordat ik eindelijk aan een bar zit.

Glad ijs
In alle eerlijkheid, mannen, mannen op Bonaire…, ik vond het lastig en ik heb mijn vinger er nooit helemaal op kunnen leggen. Al snel na mijn aankomst bleek dat het makkelijker was om contact te leggen met mannen dan met vrouwen. Vrouwen kijken de kat uit de boom. Mannen verwelkomden me met open armen, praatten honderduit, hadden meestal tijd en waren bovendien overal te vinden. In de haven, op de visserspier, aan de bar. Precies op die plekken waar ik de eerste weken rondhing. Ik schoof aan, bevestigde het levend aas met grote tegenzin aan de haakjes (alles voor het veldwerk!) en vroeg hen ondertussen de hemd van het lijf. Om enige afstand te bewaren vertelde ik over thuis en over mijn relatie, vroeg ik met overdreven belangstelling naar die van hun en deed ik zo mattie-mattie mogelijk. Mijn schouderkloppen waren opzettelijk hard, mijn begroetingen eveneens weinig vrouwelijk. Maar hé, ik ken mezelf en ik was me terdege van het gladde ijs bewust.

As far as they’re concerned ben je gewoon hartstikke beschikbaar

Het mocht lang niet altijd baten. Want, dat vriendje van je, die is hier toch helemaal niet. Hij komt over drie maanden zeg je? Nou wat zeg ik, hij is hier toch helemaal niet! En vertel nou eens eerlijk, waarom zit je hier nu al de hele ochtend? Nee, écht, eerlijk nu, vanwaar die belangstelling voor mijn hengel?
Lacherig probeerde ik onder de avances uit te komen maar de toon was dan allang gezet. Hoe rijker mijn onderzoeksgroep met mannen gevuld raakte, hoe meer trucs ik uit de kast moest halen.

“Je bent gewoon te aardig”, zei één van mijn vrienden op een gegeven moment.
“Te aardig? Hallo?! Ik probeer hier gewoon een beetje te integreren ja, een beetje rapport op te bouwen!”
“Karin, doe toch niet zo naïef. Je bent jong, aantrekkelijk en vrolijk, en je loopt hier met alle mannen te kletsen. En, as far as they’re concerned, je bent hier zónder man dus gewoon hartstikke beschikbaar.”

Pas toen ik aan het werk ging bij een buitenschoolse opvang en Jimmy als protector aan mijn zijde kreeg, kon ik echt ongestoord de sprong in het diepe maken.

Hoewel…

We staan aan de bar. Jimmy, M., M’s vrouw, haar nicht en ik. Van bier moet ik plassen dus ik schuifel door de mensenmassa op weg naar de toiletten. Ik heb niet door dat M. achter me aangekomen is.


(wordt vervolgd…)

0 comments on ““Hij had je vader kunnen zijn” | Frans en Tamara”

“Hij had je vader kunnen zijn” | Frans en Tamara

Een tijdje geleden interviewde ik een aantal stellen met groot leeftijdverschil. Dit weekend verschenen drie van die interviews (helaas fors ingekort) in Vrouw Magazine. Hier deel ik de langere versies. Vandaag het laatste deel uit de reeks: Frans [56] en Tamara Geraeds [34]!

Tekst: Karin Spillenaar-Koolen
Beeld: Feriet Tunc

11229840_987457681305975_6272047396262762927_o

Tamara en Frans Geraeds ontmoetten elkaar in 1997 op de badmintonvereniging. Kan een relatie met een generatiekloof wel werken, vroeg hij zich af. Inmiddels zijn ze 11 jaar getrouwd.

De ontmoeting
Frans: “Ik vond Tamara al meteen een hartstikke leuke meid. Ze is frivool, opgewekt en uitbundig. Maar toen was ze pas 17, natuurlijk veel te jong.”
Tamara: “Drie jaar later had ik vervoer nodig naar de badminton. Frans bood zich direct aan. We hadden leuke gesprekken. Ik vond hem aardig, meer niet. Toen bekende hij opeens dat hij mij meer dan leuk vond. Dat zag ik totaal niet aankomen!”
Frans: “Ik wist dat Tamara in die tijd omging met een man die vier jaar jonger was dan ik. Dat liep niet lekker. Ik vroeg haar toen of ze het ook leuk zou kunnen hebben met iemand van mijn leeftijd. ‘Natuurlijk’, zei ze.”
Tamara: “Ik denk dat de gevoelens voor Frans er al langer waren, maar na zijn bekentenis kwamen ze in alle hevigheid naar boven.”

‘Blijf jij bij zo’n oud wijf? Je bent gek, inruilen!’

Het dilemma
Frans: Het was nooit mijn bedoeling op zoek te gaan naar een jongere vrouw. In het begin prentte ik mezelf steeds in dat het niet kon. Je krijgt zoveel gedoe over je heen als oudere man. Iedereen vertelt je ook dat een relatie met een generatiekloof niet zal werken. Op een gegeven moment ga je dat zelf ook geloven.”
Tamara: “Ik zei op mijn vijftiende al tegen mijn moeder dat ik waarschijnlijk met een veel oudere man thuis zou komen. Dat vond ze niet leuk, maar zelf heb ik er geen problemen mee. Ik vond mannen van mijn leeftijd vaak wat onvolwassen, die hadden niet dat beschermende dat oudere mannen vaak wel hebben.”
Frans: “De eyeopener kwam voor mij toen een vriend zei: ‘Frans, je wilt maar één ding. Ga ervoor. Geniet, al duurt het maar vijf jaar.’”

De vooroordelen
Tamara: “Het eerste jaar was moeilijk. Mijn ouders vonden hem aardig, maar veel te oud voor mij. Veel mensen hadden hun oordeel klaar: Frans zou in een midlifecrisis zitten, ik was op zijn geld uit.”
Frans: “We haalden vaak grapjes uit. Mensen dachten dat we vader en dochter waren. Dan vond ik het leuk om als ‘papa’ ineens bij Tamara de paskamer in te duiken en haar een volle kus te geven. Die verbouwereerde blikken, heerlijk. Nog steeds krijg ik wel eens commentaar. Dan grap ik: ‘Blijf jij bij zo’n oud wijf? Je bent gek, inruilen!’ Dan ben je snel van de opmerkingen af, hoor.”

Het geluk
Tamara: “We doen veel leuke dingen samen. Naar de film, weekendjes weg. Als we samen aan tafel zitten praten we aan één stuk door. Dat zijn dingen die we kunnen blijven doen.”
Frans: “Tamara’s vader stelde nog wel vraagtekens bij de trouwplannen. Ik zei tegen hem: ‘Ik garandeer dat je dochter een verschrikkelijk mooi leven krijgt. Houd me daar maar aan en gun me dan jullie dochter.’ Na dertien jaar zijn we nog steeds verliefd. Ik rijd elke dag op mijn gemak naar mijn werk toe en te hard naar huis, zo graag wil ik naar haar toe.”
Tamara: “Frans leert mij mijn hart te volgen en mijn dromen na te jagen. Hij heeft me ook altijd gestimuleerd om boeken te gaan schrijven.”
Frans: “Ik wil dat ze gelukkig is. En wie weet wordt haar derde boek een bestseller, waardoor ik binnenkort met pensioen kan (lacht).”

Ik hoop vooral dat Frans geestelijk goed blijft, dan duw ik gewoon de rolstoel

De toekomst
Tamara: “Er komen geen kinderen. We willen volop genieten van elkaar.”
Frans: “Eens laat ik haar achter. Toen ik 55 werd hakte dat besef er wel in. Ik wil mee kunnen met haar, alles kunnen doen.”
Tamara: “Ik hoop vooral dat Frans geestelijk goed blijft, dan duw ik gewoon de rolstoel. Zolang ik hem maar niet hoef te missen.”
Frans: “De laatste tijd denk ik: rotleeftijd, kan er geen tien jaar af. Ik vergeet kleine dingetjes, ben vaker moe.”
Tamara: “Ik vind dat weleens jammer, maar ook begrijpelijk. Andere stellen hebben dat misschien niet, maar die hebben weer iets anders. Die doen misschien niks meer samen.”


Tamara Geraeds is schrijfster en oprichter en eigenaar van tekstbureau Charizma. In oktober 2015 verschijnt haar nieuwe boek: Christopher Plum en het Zwaard der Wanhoop.


Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Scroll omlaag en volg mijn blog!

0 comments on ““Hij had je vader kunnen zijn” | Toyah en Bert”

“Hij had je vader kunnen zijn” | Toyah en Bert

Een tijdje geleden interviewde ik een aantal stellen met groot leeftijdverschil. Dit weekend verschenen drie van die interviews (helaas fors ingekort) in Vrouw Magazine. Hier deel ik de langere versies. Vandaag: Toyah [26] en Bert [58]!

Tekst: Karin Spillenaar-Koolen
Beeld: Feriet Tunc

12016237_10200988144942786_693766591_o

Toyah Boer en Bert Ververs ontmoetten elkaar in het Tros Muziekcafé. Voor haar liefde op het eerste gezicht, hij vond het eigenlijk niet kunnen.

De ontmoeting
Toyah: “Mijn vader, tante en ik bezochten vaak het Tros muziekcafé. Daar kwamen we Bert tegen. Ik vond hem meteen heel leuk, hij had eerst geen interesse in mij.”
Bert: “Toyah was toen 19, dat verschil vond ik erg groot. Maar ik dacht: mailen kan geen kwaad. Na enige tijd mailcontact nodigde ik haar uit om iets te gaan eten. Dan ontdekken we vanzelf dat het niets wordt, was mijn idee. Maar het werd alsmaar gezelliger! Na het eten maakten we een wandeling en toen sprak Toyah de magische woorden: ‘ik val al mijn hele leven op oudere mannen.’ Dat zette mij aan het denken. Ik dacht: ik vind haar leuk en als ik nu de boot afhoud gaat zij er straks vandoor met een andere oude man. Dus waarom niet eigenlijk?”
Toyah: “Onderweg naar huis zei ik: ‘Goh, we hebben nog niet gezoend.’ Daar moest Bert even over nadenken, maar even later gooide hij resoluut zijn fiets aan de kant en kuste me.”

Het dilemma
Bert: “Mijn vorige partner overleed in 2009. Toyah kwam dus ook een beetje te vroeg, want ik was nog aan het verwerken. Maar uiteindelijk kon ik helemaal voor Toyah gaan.”
Toyah: “Ik had wel vaker relaties gehad met een flink leeftijdverschil. Ik houd van oude muziek, van theater. Die interesses deel ik niet met leeftijdgenoten, maar wel vaak met oudere vrienden.”
Bert: “Daarmee sluit ze moeiteloos bij mij aan. Toyah houdt van muziek uit mijn tijd. Ze is wel altijd de jongste als we ergens naar toe gaan.”

Als je kans hebt op geluk moet je het pakken

De vooroordelen
Toyah: “Mijn ouders mochten Bert meteen heel graag. Ze accepteren onze relatie, als ik maar gelukkig ben. Maar niet iedereen begreep het. Ik had soms het gevoel dat ik me moest verontschuldigen omdat ik een oudere vriend heb. Sommigen zagen mij liever settelen met een leeftijdsgenoot. Maar mensen hebben altijd iets aan te merken.”
Bert: “Mensen denken vaak dat ik Toyah’s vader ben. Dat is weleens vervelend, maar soms ook grappig. Dan houden we het gewoon vol en gaan we ineens zoenen.”
Toyah: “Mensen denken soms ook, hij zal wel geld hebben.”
Bert: “Het is makkelijk om in hokjes te denken, maar hoe vaak wordt hokjesdenken gelogenstraft. Er is geen garantie dat als je maar normaal blijft doen dat je leven normaal blijft lopen. Toyah kan ook eerder overlijden dan ik of ziek worden. Als je kans hebt op geluk moet je het pakken.”

Het geluk
Bert: “We voelen ons gelijkwaardig aan elkaar. Toyah heeft voor haar leeftijd ook al veel meegemaakt. Maar feit blijft, ik kan putten uit meer levenservaring. Relaties, reizen.”
Toyah: “Dat is wel eens lastig. Ik kan niet altijd meepraten en haal dat ook niet zomaar even in.”
Bert: “Maar ik leer ook veel van haar. Ik zit soms teveel in mijn hoofd, Toyah leert mij met mijn hart te leven. Ze maakt mijn leven rijker.”
Toyah: “Bert is een hele gevoelige, bijzondere man. Een vrije geest. Hij leert mij om minder bezig te zijn met wat andere mensen denken.”

Ik wil na mijn overlijden niet vanaf een wolkje toezien hoe zij zit te kniezen

De toekomst
Bert: “Als Toyah 50 is ben ik 83. Dan loop ik waarschijnlijk wat krukkig en ga ik niet meer wild lopen doen in de disco. Een tijdje terug was ik langdurig ziek. Toen beseften we des te meer hoe sterk onze band is.”
Toyah: “Ik praat niet graag over de verre toekomst. De kans is natuurlijk groot dat Bert eerder overlijdt dan ik. Ik leef graag zoveel mogelijk in het nu.”
Bert: “Ik geloof dat we nog twintig jaar in het huidige tempo door kunnen leven. Daarna zal ik het rustiger aan moeten doen. Maar ik wil na mijn overlijden niet vanaf een wolkje toezien hoe zij zit te kniezen en niks meer doet. Dat idee is onverteerbaar.”
Toyah: “Trouwen? Wie weet, ooit. De toekomst ligt voor ons open. Er is nu nog geen kinderwens, maar stel over vijf jaar, dan kan Bert met vervroegd pensioen en ons kind opvoeden.”

11986492_1021934691202748_4456200451266646001_n

Morgen: Tamara (34) en Frans (56).


Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Scroll omlaag en volg mijn blog!