Scoop lust ze rauw

Scoop is te dik. En hij stinkt. Althans, dat zegt mijn vader. Ik vind natuurlijk van niet. Scoop is volslank en hij ruikt naar bosviooltjes. Maar, toegegeven, onze Engelse cockerspaniël – blauwschimmel met tan – mag best wat fitter worden. Met die gedachte stapte ik vanmiddag, na een twee uur durende boswandeling, met Scoop de dierenwinkel in. Mijn missie: Scoop aan het vers vleesvoer!

Met brok- en blikvoer doe je je viervoeter tekort, zo stelt de vers vleesvoermaffia. En daar zit natuurlijk wat in, want vers vleesvoer bevat veel goede bacteriën, ‘verzuurt’ het maagzuur en is minder belastend voor de organen. Soms geef ik Scoop rauwe kipfilet, of een halve runderlap. Vaak meer noodzaak dan overtuiging. Nu is het tijd voor het echte werk.

Een meisje met een zwarte paardenstaart gaat me voor naar de vriezer achterin de winkel. “Ik zou beginnen met de hamburgers”, adviseert ze me, terwijl ze een pak lamb and rice uit de bak haalt. Op de doos staat een Berner sennen, blakend van gezondheid. “Het is, zeg maar, één hamburger per vijf kilo gewicht.” Ze kijkt naar Scoop. “Hoeveel weegt hij?” “Zestien kilo.” “Nou, dan mag hij dus drie hamburgers.” “Per dag?” “Per dag.” “Hij eet ’s morgens en ’s avonds.” “Dat is dus ’s morgens anderhalf en ’s avonds anderhalf.” Duh. Het meisje, zelf baasje van een Golden Retriever die alleen maar rauw eet, raakt op dreef. Ik krijg een stortvloed aan informatie, tips en voedingsprotocollen over me heen. Godzijdank is er google.

Niet te versmaden kippennekken, kippenmaagjes en gedroogde vissenhuiden

Dit is wat ik ervan onthouden heb: Nooit ontdooien in de magnetron – “Je hele keuken gaat er van stinken.” Gewoon voor het slapen gaan de porties voor de volgende dag uit de vriezer halen en op een bordje in de koelkast leggen. Om Scoops darmen te laten wennen aan het rauwe voedsel is het verstandig om de hamburgers de eerste dagen (of waren het weken?) te overgieten met kokend water om de bacteriën te doden (die waren toch juist goed? Of komt dat pas later?). Niet schrikken als het maaltje hap slik weg is, er hoeft nu eenmaal minder gekauwd te worden. Na een actieve dag (lees: veel rennen in het bos en spelen met andere honden) mag ik de maaltijd aanvullen met gekookte of gepureerde groenten, bijvoorbeeld sperziebonen of bloemkool. Nooit ui, knoflook of prei en liever ook geen tomaat, paprika, champignons of aubergine. Af en toe een rauw ei is een perfecte aanvulling op het hondendieet, evenals éénmaal per week vette vis. Ben je eenmaal met vers voer begonnen, wees dan voorzichtig met brokken. ’s Morgens vers, dan ook ’s avonds vers – en vice versa -, anders kan je hond maag-darmklachten krijgen. “Er moet minimaal acht uur tussen vlees en brok zitten”, zegt het meisje. Ik bedenk me dat er gemiddeld elf uur tussen Scoops ontbijt (07.00 uur) en zijn avondmaal (18.00 uur) zit, maar geloof het verder wel. Het advies is voorlopig: vrijdag, zaterdag, maandag en woensdag vlees. De rest van de week schaft de pot brokken. Zo blijft het ook een beetje betaalbaar. Want vijftien euro voor een pak lijkt mee te vallen, tot je beseft dat je daar – mits dagelijks gebruikt – net een week mee doet.

Ik loop de deur uit met een paar pakken Prins TotalCare Hond, een sample van een nieuw soort brok (“Als je dan brokken geeft, geef dan deze – graanvrij”) en een handvol gezonde ‘lekkernijen’; kippennekken, kippenmaagjes en de niet te versmaden gedroogde vissenhuiden.

Nooit geweten dat hondenvoer een wetenschap was. En dan stel ik het voer nog niet eens zelf samen. De vriezer ligt vol, Scoops avondmaal (met gepureerde sperziebonen) staat op het aanrecht te ontdooien en een stuk vissenhuid ligt hier naast me te stinken. Meneer had er halverwege genoeg van. Ach ja, alles voor het hondje, hè?

image